Ik zit thuis in de zetel met Wandelen, een filosofische gids van Frédéric Gros. Een boek over wandelen lezen terwijl je niet wandelt: het is een kleine ironie waar ik geen moeite mee heb. Gros schrijft dat wandelen geen sport is, geen prestatie, geen efficiëntie-oefening. De wandelaar onttrekt zich tijdelijk aan zijn functie. Hij produceert niets. Hij moet niets.
Dat laatste zinnetje blijft hangen: hij moet niets. De lectuur ervan doet me dwalen. Niet naar buiten, maar naar mijn blog. Naar Polaroidlife. Oude posts, oude beelden. En daar staat hij weer: Wanderer in Walden. Een polaroid. Een wandelaar. Een citaat uit Walden. Het voelt alsof ik mezelf tegenkom in een andere versie van tijd. En plots is hij daar opnieuw: Henry David Thoreau. Niet als romantische bosbewoner, maar als boekhouder. Want dat is wat hij in wezen deed: herrekenen. In Walden schrijft hij die genadeloze zin:
“The cost of a thing is the amount of life which is required to be exchanged for it.”
Daar zit alles in. Winst is niet wat je krijgt. Winst is wat je niet hoeft in te ruilen. Wat je niet hoeft in te ruilen, wordt omschreven als profijt.
De kunstwereld als ruilhandel
De kunstwereld draait op uitwisseling. Tijd voor zichtbaarheid. Energie voor aanwezigheid. Stilte voor momentum. We noemen het geen winst, maar het is er wel. We spreken over impact, bereik, groei. Over internationale trajecten. Over wat “goed loopt”. Maar zelden over wat het kost.
Wat kost een jaar waarin je voortdurend moet verschijnen? Wat kost een praktijk die altijd moet produceren? Wat kost een kunstwereld die zichzelf heeft leren meten? Thoreau zou dat eenvoudig hebben aangepakt. Hij zou een kolom maken. Links wat het oplevert. Rechts wat het kost. Niet in geld, maar in leven. Hoeveel uren worden ingeruild voor reputatie? Hoeveel rust voor zichtbaarheid? Hoeveel concentratie voor aanwezigheid? Misschien is dat de echte winstvraag die we te weinig stellen.
Nooteboom en het onderweg zijn
Het overlijden van Cees Nooteboom blijft door mijn hoofd spelen terwijl ik lees. Nooteboom reisde, maar hij verzamelde geen landen. Hij keek. Hij vertraagde en beschreef hoe steden lagen van tijd werden. Reizen was bij hem geen accumulatie van kilometers, maar verdieping. Misschien is dat wat Gros, Nooteboom en Thoreau met elkaar verbindt: ze zoeken geen bestemming, maar verhouding. Tot de ruimte, tijd en zichzelf.
En precies daar schuurt het met de kunstwereld van vandaag. Want wij reizen ook. We vliegen, exposeren, circuleren. Maar wandelen we nog? Of verplaatsen we ons vooral? Er is een verschil tussen onderweg zijn en altijd onderweg moeten zijn.
Polaroidlife als tegengewicht
Die polaroid op mijn blog was geen strategie. Geen contentplanning. Geen positionering. Het was een moment. Een beeld dat langzaam verscheen. Geen correctie, geen optimalisatie. Wat zichtbaar werd, werd zichtbaar. Misschien was dat intuïtief al een kleine oefening in Thoreau’s logica. Iets maken dat niet onmiddellijk rendeert. Iets delen dat niets hoeft op te leveren.
Vandaag is dat bijna subversief, bedenk ik nu. We leven in een tijd waarin zelfs kunst moet bewijzen dat ze iets doet. Dat ze impact heeft. Dat ze relevant is. Alsof kunst zich voortdurend moet verantwoorden tegenover een denkbeeldige aandeelhouder. Maar Thoreau’s winstlogica stelt een andere vraag: wat hoef je niet in te ruilen?
Misschien is de grootste winst voor een kunstenaar niet internationale zichtbaarheid, maar het behoud van innerlijke ruimte. Misschien is het grootste profijt voor een toeschouwer niet het aantal bezochte expo’s, maar de duur van één beeld dat blijft hangen.
Ik sluit Gros’ boek. Buiten is het donker geworden. Er is niets gebeurd. Geen verkoop, opening of applaus. En toch voelt het alsof er iets is gewonnen. Niet omdat ik iets heb toegevoegd, maar omdat ik even niets heb ingeruild.
Misschien is dat wat Thoreau ons nog altijd influistert: winst is niet wat je optelt, maar wat je bewaart. De kunstwereld hoeft niet te stoppen met bewegen. Maar zou af en toe mogen wandelen. Zonder doel of plan. Gewoon om te voelen hoeveel leven er nog overblijft. En misschien is dat, voor wie durft te herrekenen, het zuiverste profijt dat kunst kan bieden.
Ontdek meer van Kunstflaneur.be
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Mooie gedachte. En Iets waar een ‘amateur’ zich kan in vinden, we hoeven niet allemaal topsporter te zijn 🙂