De dag begon lui en stil. De toast was nog warm, de koffie net uitgegoten. Op het tafelblad lag een opgevouwen krant naast het scherm van mijn iPad, waar Hakim Bishara’s woorden wachtten als een vergeten brief in een jaszak. The Fabricated Crisis of Art Criticism is een titel als een stelling op een muur, strak en resoluut. Maar ik voelde ook dat het een tekst was die niet luid schreeuwde, maar traag voorbijdreef, als het ochtendlicht op de muur van mijn overburen.
Een vlek van betekenis
Kunstkritiek is dood, zegt men al jaren. Te elitair, te afstandelijk, te traag voor de snelheid van het beeld. Maar Bishara, scherp zonder snijdend te zijn, fileert dat doemdenken met een rustige precisie. Er is geen crisis, schrijft hij, althans geen echte. Wat er is, is verandering. Een beweging van vormen, stemmen, media. Van het gezag van de krantenrubriek naar de adem van een podcast, van de criticus met een vaste column naar een Instagram-post die raakt, beweegt, herinnert.
Ik staar naar het tafelkleed. De vlek van gisteren zit er nog. Gevolg van een te snel vertrek naar … tja, naar waar was het weer? Sinaasappelconfituur. (nota aan mezelf: de pot is bijna op, nieuwe op boodschappenlijstje zetten)
Kunstkritiek is misschien precies dat: iets wat achterblijft. Een spoor. Een poging om iets te bewaren dat in zichzelf vluchtig is. Niet als verklaring, maar als echo, als koestermoment in gestolde tijd.
Er zijn zoveel manieren om geraakt te worden, denk ik. En net zoveel manieren om dat te verwoorden. Soms is dat via een essay waarin elke zin in balans is, soms is dat via een video van een jonge kunstenaar die op TikTok uitlegt waarom een kleur hem aan zijn grootmoeder doet denken. Is dat minder waard dan een recensie in een gerenommeerd tijdschrift? Niet per se. Wel anders.
Traagheid als verzet
Toch sluimert er ook iets dubbelzinnigs in zijn betoog. Want ja, de stemmen zijn democratischer, diverser, ontgrendeld van de redactietorens. Maar dreigt door die veelheid ook geen vluchtigheid. De kunst van het trage lezen, het aandachtige kijken en het broze formuleren dreigt te bezwijken onder de wetten van het algoritme. Kunstkritiek die zich moet meten via shares en likes verliest misschien precies dat wat deze waardevol maakt: traagheid, twijfel, poëzie.
Ik denk aan een tentoonstelling waar ik onlangs nog stond, stil, lang. Een doek dat niets verklaarde maar alles fluisterde. Hoe vertaal je dat? Niet in analyses. Niet in markttaal of artistieke strategieën. Maar in een alinea die stottert, in een zin die struikelt, in een tekst die meer openlaat dan hij benoemt.
De kunstflaneur is geen beoordelaar maar een omwandelaar. Iemand die tussen kunst en lezer beweegt zoals je tussen kamers zwerft in een huis waar je ooit hebt gewoond. Iets herkent. Iets vergeet. Iets voelt trillen.
Wat blijft na het kijken
Bishara roept op tot een vorm van kritiek die beweegt, ademt, verandert. En ja, daar sluit ik me bij aan. Niet door afscheid te nemen van de oude vormen, maar door ze uit te rekken, te bevragen, opnieuw op tafel te leggen. Net als dit broodmes dat naast mijn lege bord ligt: al jaren hetzelfde, en toch snijdt het elke dag weer anders.
De ochtend is intussen gevorderd. De koffie koud. Maar Bishara’s tekst blijft hangen. Niet als een analyse, maar als een uitnodiging. Om opnieuw te schrijven, te tasten, te verdwalen in het kijken. Niet om de kunst te verklaren, maar om haar te beademen.
Dat, denk ik, is wat kritiek in haar mooiste vorm kan zijn: een ademtocht naast een kunstwerk.
Een fluistering die zegt: ik heb je niet begrepen, maar ik ben gebleven.
Ontdek meer van Kunstflaneur.be
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Schitterend! Prachtig geformuleerd, een post met een broodmes verguld op snee 🙂.