Een gesprek met Yves Klein over blauw
(Hij is 64 jaar dood. Hij maakt toch even tijd.)
Klein ontvangt me in een kamer zonder kleur. Of liever: met één kleur. Alles is blauw. De muren, de tafel, de asbak. Hij is op 6 juni 1962 gestorven. Vandaag is het 6 juni 2026. Precies 64 jaar later. Voor dit gesprek heeft hij een uitzondering gemaakt.
Hij ziet er uit als 34. Hij zal altijd 34 zijn.
Vandaag is het precies 64 jaar geleden dat u stierf. Hoe voelt dat?
“Ik voel niets. Dat is het voordeel van dood zijn. Maar ik observeer wel. En wat ik observeer bevalt me niet altijd.”
Wat bevalt u niet?
“Dat men mij nog steeds ziett als de man van de blauwe kleur. Alsof ik een Pantone-nummer ben. IKB 79. Handig voor interieurarchitecten.”
“U bent ook een Pantone-nummer geworden, eigenlijk.”
Hij kijkt me aan.
“Ik weet het. Ik heb het gezien. Vanuit waar ik ben, ziet men alles. Dat is het nadeel van dood zijn.”
66 jaar geleden sprong u uit een raam voor een foto. Le Saut dans le Vide. Vandaag zou men dat een stunt noemen.
“Vandaag zou men het een ‘content moment’ noemen. Men zou een team hebben. Een fotograaf, een videograaf, een social media manager die de exacte tijd van publicatie berekent voor maximale engagement.”
“En de sprong zelf?”
“Die zou men vijftien keer overdoen tot de hoek goed was. Dan zou men zeggen: we hebben het. Dan zou men het filteren. En in de caption zou staan: Sometimes you just have to leap met een klein hartje.”
“En hoeveel likes?”
“Genoeg om een volgende sprong te rechtvaardigen. Een hogere verdieping. Een betere lens. Een sponsor.”
“Een sponsor?”
“Alles heeft een sponsor in 2026. Zelfs de leegte.”
U verkocht ooit lege zones. Immateriële kunst. In het Frans klonk het natuurlijk veel beter: Zones de sensibilité picturale immatérielles (Zones van immateriële picturale gevoeligheid) De koper gaf u goud, u gooide de helft in de Seine, hij verbrandde zijn ontvangstbewijs. Dat zouden we nu een NFT noemen.
Hij sluit zijn ogen.
“Ik weet het. Men heeft mij dat verteld. Digitale eigendomsbewijzen van niets, verhandeld voor miljoenen, op een markt die in 2022 instortte als een slecht gespannen doek.”
“Exact.”
“Het verschil is intentie. Ik wilde aantonen dat waarde spiritueel is. Dat het onzichtbare het zichtbare overstijgt. Dat kunst bestaat buiten het object.”
“En zij?”
“Zij wilden rijk worden. En werden het. Heel even.”
“De Seine heeft uw goud al die tijd gehouden.”
Voor het eerst glimlacht hij.
“De Seine is eerlijker dan de blockchain.”
In 2026 is uw IKB overal. Op tassen, op posters, op Instagram-muren, op een taart bij een babyborrel vorige week in Antwerpen.
“Een babyborrel.”
“Ze noemen het een gender reveal. Men snijdt een taart aan en de kleur binnenin verraadt het geslacht van het kind. Blauw voor een jongen.”
Lange stilte.
“Ik heb mijn leven gewijd aan het bevrijden van blauw van zijn symbolische betekenis. Blauw is niet de lucht, de zee, melancholie of koude. blauw is het absolute. Het oneindige zonder referentie.”
“En nu is het een jongetje.”
“En nu is het een jongetje.”
Hij staat op, loopt naar het raam. Buiten is de lucht, bij toeval, ook blauw.
“Weet u wat het ergste is? De taart ziet er waarschijnlijk prachtig uit.”
Wat heeft u in die 64 jaar dood zijn geleerd over uw eigen werk?
“Dat het werk overleeft omdat de vragen overleveren. Niet de antwoorden. Antwoorden had ik nooit. Maar de vragen. Wat is een kleur? Kan men leegte kopen? Wat is een kunstwerk als het niets is?”
“Zijn die vragen vandaag nog relevant?”
“Meer dan ooit. Maar men stelt ze minder. Men is te druk met antwoorden produceren. Content. Standpunten. Meningen. Men vergeet dat de beste kunst geen antwoord geeft maar de vraag onvermijdelijk maakt.”
Laatste vraag. Als u morgen opnieuw kon leven, wat zou u anders doen?
Hij denkt na. Echt na.
“Niets. Ik zou alles hetzelfde doen. De monochromen, de leegte, de sprong, de antropometrieën, het goud in de Seine. Alles.”
“Ook sterven op 34?”
“Dat was niet mijn keuze. Maar als het dat was geweest – ja, ook dat. Wie te lang leeft, begint zichzelf te herhalen. Men gaat lezingen geven. Schrijft memoires. Of zit in jury’s van prijzen die men vroeger zou hebben geweigerd.”
“U zou nu 98 zijn.”
“98 jaar en blauw. Dat klinkt als een tentoonstelling die ik niet zou willen zien.”
Hij staat op. Het gesprek is voorbij.
Buiten op straat fotografeert een vrouw de blauwe lucht boven Parijs. Ze filtert hem nóg blauwer. Ze post hem. De caption: good vibes only. Vierentwintig mensen liken het. Niemand weet waarom blauw zo werkt.
Yves Klein wist het. Maar hij is al 64 jaar dood.
En de leegte wacht geduldig op de rest van ons.
Yves Klein (28 april 1928 — 6 juni 1962) was Frans kunstenaar, judoka, en tijdelijk eigenaar van de lucht. IKB bestaat nog. De Seine ook.
Ontdek meer van Kunstflaneur.be
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
