Over de kunst van het wachten op kunst


Er is een man - laten we hem Didier noemen, want dat klinkt juist genoeg - die mij vorige maand tijdens een opening vertelde dat hij “op de lijst staat” van een kunstenaar. Hij zei het zoals men vroeger zei dat men lid was van een exclusieve club, of een reservering had bij een restaurant met drie sterren. Met iets van ingehouden trots. Een lichte nonchalance die veel moeite had gekost.


Ik knikte begripvol. Vroeg niet wanneer het kunstwerk verwacht werd. Vroeg niet of er een prijs vastlag. Vroeg al helemaal niet of hij eigenlijk wel wist wat hij zou krijgen. Want dat zijn de vragen die je niet stelt aan iemand die op een lijst staat. Dat is zoiets als aan een gelovige vragen of hij God al eens heeft gezien.

De wachtlijst is de meest ingenieuze uitvinding van de hedendaagse kunstmarkt. Niet het veilinghuis, niet de kunstbeurs, niet de white cube met zijn pretentieus lege muren. De wachtlijst. Want wat de wachtlijst doet, doet geen enkel ander instrument zo efficiënt: hij laat de koper betalen voor het privilege van mogen betalen. Later. Ooit. Als er ruimte is.

U bent uitverkoren

Hermès begrijpt dit al decennia. Een Birkin koop je niet. Je verdient hem. Je bouwt een aankoopgeschiedenis op, je bezoekt de winkel regelmatig, je koopt sjaalfjes en parfum en kleine lederen dingetjes die je eigenlijk niet nodig hebt, totdat een verkoopster je op een dag discreet terzijde neemt en vraagt of je misschien geïnteresseerd bent. In een tas. Die er al lag. Die er altijd al lag.

De kunstwereld heeft ditzelfde systeem overgenomen, maar er een laagje verheven betekenis over gegoten. Want bij Hermès is het tenminste eerlijk commercieel. Men doet niet alsof de tas zichzelf heeft uitgekozen. In de kunstwereld daarentegen suggereert de wachtlijst iets diepers: een selectie op basis van begrip, affiniteit, serieuze intentie. De kunstenaar kiest zijn verzamelaars. De verzamelaar wordt uitverkoren. Het is geen verkoop, het is een roeping.

Ik heb een kunstenaar gekend die een wachtlijst bijhield in een schrift. Een fysiek schrift, met balpen. Alsof de handeling van het opschrijven de ernst onderschreef. Er stonden twintig namen in. Misschien vijfentwintig. De meesten hadden hem tweemaal ontmoet, op een opening en op een beurs. Enkelen hadden hem geappt. Een had hem ooit een mailtje gestuurd dat begon met: “Beste, ik volg uw werk al enige tijd met grote bewondering.”
Hij had ze allemaal op de lijst gezet. Want een lijst met vijfentwintig namen voelt als bevestiging. Een lijst is bewijs dat er vraag is. En vraag, in de kunstmarkt, is het begin van prijs.

Uitstel van executie, euh, aankoop

Het probleem - en hier wordt het interessant - is dat de meeste mensen op die lijst nooit iets kopen. Ze staan er zoals ze op veel lijsten staan: met goede bedoelingen, een vage interesse en het stilzwijgende voorbehoud dat ze er te zijner tijd wel eens naar zullen kijken. De wachtlijst is, voor de meeste wachtenden, een vorm van uitstel die aanvoelt als betrokkenheid.

En toch werkt het systeem. Niet omdat de mensen op de lijst uiteindelijk kopen - sommigen doen dat, anderen verdwijnen geruisloos - maar omdat de lijst zelf een verhaal vertelt. Aan galeriehouders. Aan curatoren. Aan journalisten die een haakje zoeken. “Er bestaat een wachtlijst voor zijn werk” is een zin die deuren opent, ook al staat er in dat schrift voornamelijk de naam van Didier en vierentwintig anderen die ooit enthousiast hun kaartje hebben afgegeven.

Ik wil niemand tekortdoen. Er zijn kunstenaars bij wie de wachtlijst reëel is, bij wie de vraag de productie overstijgt omdat hun werk traag gemaakt wordt, met zorg, in beperkte oplagen. Daar is de lijst een eerlijk instrument. Maar die kunstenaars praten er zelden over. De lijst bestaat, functioneert, en wordt niet als statussymbool rondgestrooid op vernissages.

La liste, c'est les autres

Het zijn de anderen die me fascineren. Degenen voor wie de wachtlijst vooral een instrument van zelfbevestiging is. En ik zeg dit zonder oordeel, want de kunstwereld is een omgeving waarin onzekerheid endemisch is en iedere geruststelling welkom. Als een schrift met namen jou het gevoel geeft dat je werk ertoe doet, dan is dat schrift goedkope therapie.

Maar Didier dan. Hoe zit het met Didier, die op de lijst staat en dat met stille trots mededeelt? Ik heb hem ondertussen geobserveerd. Hij koopt zelden iets. Hij is wél overal aanwezig. Hij praat veel over kunstenaars, galeries, trends. Hij weet wie er op welke beurs staat, wie er net een residentie heeft gedaan. Hij is een kenner, of speelt die rol zo overtuigend dat het op hetzelfde neerkomt.
Op de lijst staan kost hem niets. Het levert hem een identiteit op. En misschien is dat, als ik er lang genoeg over nadenk, de meest eerlijke transactie in de hele kunstwereld. Geen werk wisselt van eigenaar. Geen geld stroomt. En toch zijn beide partijen - de kunstenaar met zijn schrift, Didier met zijn verhaal - even tevreden.

De wachtlijst als heilige graal. Men zoekt ernaar. Men spreekt erover. Men bereikt hem misschien nooit. Maar de queeste zelf geeft betekenis. Bij Hermès noemen ze dat gewoon marketing. In de kunstwereld noemen we het passie.


Ontdek meer van Kunstflaneur.be

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Ontdek meer van Kunstflaneur.be

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder