Er bestaat een stilte die alleen klinkt in ziekenhuiskamers. Een zachte, bijna aarzelende stilte, alsof de wereld even haar ritme inhoudt om te wachten tot een lichaam weer aansluiting vindt. In die stilte worden mensen teruggeworpen op de meest elementaire vragen: Hoe ga ik verder? Waar houd ik mij aan vast? Wat helpt mij door deze dagen heen?
In #WHATPATIENTSREADAFTERHEARTSURGERY zoomt Luc Haenen precies op die vragen in. Niet om te achterhalen welke literaire titels populair zijn, maar om te begrijpen wat een boek betekent wanneer iemand herstellende is van een hartoperatie. Wat een patiënt zoekt in papier, in letters, in een kaft die warm wordt in een hand die nog onzeker is.
Ik kreeg het boek toevallig in mijn bezit. Een bewijs dat serendipiteit bestaat? Het onderzoek is geen theorie, geen medische analyse, geen psychologische handleiding. Het is een menselijke nieuwsgierigheid naar wat mensen troost biedt op het moment dat het lichaam letterlijk werd stilgelegd en weer opgestart.
En terwijl ik Haenens woorden lees en de foto’s in het boek bekijk, moet ik denken aan mijn eigen zus. Ook zij lag recent in zo’n kamer, in zo’n stil universum dat even te groot voelde voor haar lichaam. En ook zij greep naar een boek. Niet als afleiding, maar als bescherming. Een kleine, zachte buffer tegen alles wat nog te vroeg was om opnieuw te voelen.



Hoe het lichaam opnieuw leest
Er zijn momenten in het leven die je niet kiest. Ze kiezen jou. Er zijn boeken die je niet kiest. ze kiezen jou. Zeker wanneer je net terugkomt uit een medische grenszone. Haenen beschrijft hoe patiënten na hartchirurgie vaak onbewust grijpen naar boeken die hen omhelzen in plaats van uitdagen.
“Patients regard the book as a cocoon to protect themselves, or frequently as a well-accepted talisman.”
Dat woord cocoon is volgens mij niet zomaar gekozen. Patiënten lezen niet om hun geest open te zetten, maar om zich even af te sluiten. Even af te schermen van een wereld die te luid, te snel of te pijnlijk aanvoelt. Een boek hoeft niet per se een verhaal te zijn. soms kan het gewoon ook een veilige plek zijn om naar terug te keren.
Ik zag dat gebeuren bij mijn zus. De roman die ze meenam had ze al lang gelezen. Ze kende de personages, de bochten van het verhaal, zelfs de zinnen die zouden komen. Maar precies dat maakte het boek draaglijk. Ze moest er niet in verdwalen; ze kon erin thuiskomen.
Het boek als bescherming
Een ziekenhuisbed maakt een mens kwetsbaar op een manier die moeilijk te benoemen is. Het licht is onnatuurlijk helder, de tijd verliest zijn structuur, en het lichaam voelt tegelijk dichtbij en vreemd. In die sfeer krijgt een boek een onverwachte functie: het wordt een grens, een zachte muur waarachter de patiënt even kan wegkruipen. Geen verwachtingen, geen zware ideeën, geen confrontatie. Alleen een ritme dat niet dwingend is.
Mijn zus zei op een bepaald moment: “Ik had iets nodig dat niet te veel vroeg.”
Dat is precies wat Haenen beschrijft. Boeken hoeven na zo’n operatie geen inzichten te schenken. Ze zijn de vervanger van de afwezige partner.



De trage uren
Patiënten lezen traag, maar niet omdat ze niet sneller kúnnen. Ze lezen traag omdat de tijd trager wordt. Omdat elke bladzijde een kleine bevestiging is dat het leven verdergaat, zelfs al voelt het nog niet zo.
Mijn zus vertelde dat ze soms minutenlang naar dezelfde zin keek, niet omdat hij bijzonder was, maar omdat hij rust gaf. “Het was genoeg dat de woorden er waren.”
Dat is misschien de meest eerlijke vorm van lezen die er bestaat. Niet om vooruit te gaan, maar om even te blijven waar je bent. Beseffen dat jij er nog bent.
Het boek als talisman
Er waart na een hartoperatie altijd een stille angst rond. De angst dat het hart opnieuw kan haperen, dat je lichaam niet meer helemaal van jou is. In die ruimte krijgt een boek bijna een rituele betekenis.
Mijn zus betrapte zichzelf erop dat ze haar boek overal mee naartoe nam: op controle, naar de wachtzaal, naar huis. Alsof het niet langer zomaar een voorwerp was, maar een bondgenoot. Een kleine zekerheid die niet kon verdwijnen terwijl zíj zo broos was.
Zo’n boek hoeft geen grote literatuur te zijn. Het hoeft niet briljant of vernieuwend te zijn. Het hoeft alleen aanwezig te zijn. Een object dat niet beweegt, niet verandert, niet wegvalt.
Wat blijft achter
Wanneer de wonden sluiten en de dagen zich opnieuw openen, blijft het boek vaak nog even in de buurt. Niet om verder te lezen, maar om te herinneren. Een stille getuige van een periode waarin iemand zichzelf opnieuw moest bijeenrapen.
Mijn zus is nu thuis en heeft haar boek in de kast staan. Maar het staat niet achteloos tussen de anderen. Het heeft een plek gekregen. Een zichtbare plek. “Het hoort nu bij mijn verhaal,” zegt ze.
Dat is misschien wel de essentie van Haenens boek: dat lezen na hartchirurgie niet gaat over literatuur, maar over nabijheid. Over bescherming. Over een cocon die even genoeg is om de wereld niet te hard te laten binnenkomen. In de stilte tussen twee hartslagen begint het lezen opnieuw. Niet om te ontsnappen of te leren, maar om vast te houden wat nog wankelt totdat het opnieuw stevig staat.
Luc Haenen (°1959, Antwerpen) is een voormalig hart- en vaatchirurg die tot november 2024 full-time in de medische wereld actief was. Sinds circa 2000 bouwt hij samen met zijn echtgenote Carine een verzameling hedendaagse kunst op, met bijzondere aandacht voor kunstenaars in een vroeg stadium van hun carrière. Hun collectie omvat installaties, schilderijen, beeldhouwwerken en video, en ontwikkelt een thematiek rond ziekte, verval en het lichaam. Een brug tussen zijn medische achtergrond en de artistieke praktijk.
Hij is ook de man achter de instagramaccount #whatpatientsreadafterheartsurgery daat recent verscheen bij Hopper&Fuchs.
Ontdek meer van Kunstflaneur.be
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Mooi verwoord – geldt niet alleen voor hartpatiënten maar voor velen in een ziekenhuis traject , zeker als je er tijdens een paar maanden vele dagen vertoeft. De patiënten zelf gaan deze weg intuïtief, maar voor de omstanders brengt het wellicht een beter begrip.