Er zijn plekken waar je me regelmatig terugvindt. Sommigen denken dan aan cafés of restaurants waar gesprekken uitdeinen tot laat in de avond, waar kunst en leven zich vermengen in halflege glazen. Dublin was ooit zo’n plek. Vandaag is dat Berlijn. Maar dichter bij huis is er nog een locatie waar ik met regelmaat heen trek: Axel Vervoordt Gallery aan het kanaal in Wijnegem. Omdat daar iets gebeurt wat zeldzaam wordt: ik vind er rust. Geen oppervlakkige stilte, maar een traagheid die denken mogelijk maakt. Tussen beton en licht, tussen massa en leegte, ontstaat er een ruimte die het cerebrale en fysiek verbind.

Hybris, 2025, Concrete

Die spanning tussen materie en betekenis herken ik in het werk van Renato Nicolodi. Die ervaring van vertraagde aandacht herinnert aan een andere plek waar beton en contemplatie elkaar vinden: The Feuerle Collection in Berlijn. Ook daar daal je af in een betonnen ruimte, waar duisternis geen decor is maar methode. Kunst wordt er niet gepresenteerd, maar geënsceneerd als ontmoeting met tijd. Het lichaam moet zich aanpassen aan het halfduister, het oog moet leren wachten.

In diezelfde geest ontvouwt zich Architectura Discordiae van Renato Nicolodi. Geen tentoonstelling die zich opdringt, maar een toestand die zich langzaam op het netvlies installeert. Een mentale architectuur waarin opbouw en afbraak elkaars spiegelbeeld zijn, waarin elke muur een aarzeling bevat en elke opening een mogelijke terugkeer. De titel klinkt als een inscriptie op een verweerde steen: architectuur van de tweedracht. Niet harmonie als troost, maar de barst die van meet af aan in het fundament huist.

Dit is geen architectuur om in te wonen. Het is architectuur om in te denken en … misschien ook om in te dwalen.

“From the moment a dimension is defined as a
measure, it functions as a foundation and it defines the
further development of the presupposed concept.” (Renato Nicolodi)

De breuk als oorsprong

Discordia is hier geen ornament van conflict, maar een beginsel. Waar de architectuurgeschiedenis lang geloofde in proportie als morele orde en symmetrie als geruststelling, verschuift Nicolodi het perspectief. Zijn vormen lijken stabiel, maar dragen een onderhuidse spanning.

Bouwen verschijnt als een daad van geloof , een vertrouwen dat materie betekenis kan dragen, dat wat wordt opgericht standhoudt in de tijd. Maar dat vertrouwen is broos. Zoals in Berlijn de massieve muren van een bunker tegelijk bescherming en dreiging belichamen, zo dragen Nicolodi’s volumes een dubbelheid in zich. De breuk wordt niet gecamoufleerd. Zij wordt erkend. Elke constructie bevat haar eigen tegenspraak.

Hybris: cirkelen rond een toren

Centraal staat Hybris, een toren van gestapelde betonblokken. Hij rijst op als een ingehouden ambitie. Geen spektakel, maar een massa die zich verticaal ordent. Vanop afstand gesloten, bijna ontoegankelijk. Wie rond de sculptuur wandelt, merkt hoe betekenis verschuift. Er is geen frontale waarheid. De toren vraagt om cirkelen. Om te hernemen en terug te keren. Wat eerst als muur verschijnt, wordt een opstijgende beweging.

Het meest radicale ligt in zijn bestemming: Hybris is ontworpen om te verdwijnen. Aan het einde van de tentoonstelling wordt de toren ontmanteld en verspreidt hij zich in afzonderlijke sculpturen: Hybris Echo. Ik kan alleen maar toevoegen: nomen est omen.

Hier verliest het monument zijn pretentie van eeuwigheid. Het wordt een tijdelijke constellatie. Wat blijft zijn fragmenten, delen die het geheel herinneren zonder het te fixeren. Zoals in de bunker van de Feuerle Collection de geschiedenis voelbaar blijft zonder expliciet verteld te worden, zo draagt ook deze toren zijn eigen verleden en toekomst in stilte.

Ruimte als icoon

De sculpturen worden geflankeerd door twee immense werken: Icona Vacua en Icona Tenebris. Architecturale binnenruimtes, gedompeld in een gedisciplineerde duisternis. Bogen en trappen leiden naar een zwart ovaal dat geen antwoord geeft. Wie ooit in de ondergrondse zalen van de Feuerle Collection stond, herkent die ervaring: het licht is schaars, maar precies genoeg om vorm te laten ademen. Donkerte wordt geen gebrek, maar een kader.

Ook hier wordt niets vereerd. Geen figuur, geen narratief. Wat overblijft is ruimte – leeg en geladen. De vormen zijn ontdaan van ornament en dogma; ze reduceren zich tot archetypen. Boog. Trap. Doorgang. Structuren die tegelijk bescherming en afsluiting suggereren.

Misschien toont Nicolodi een architectuur na het grote verhaal. Onthecht van ideologie, maar niet van existentiële intensiteit.

Het fragment als ethiek

In Nicolodi’s oeuvre keren monumentale structuren terug: torens, shrijnen, gesloten corridors. Ze lijken relieken van een tijd waarin architectuur expliciet ideologisch was. In zijn handen worden het stille volumes, hulzen die herinnering vasthouden zonder haar te dicteren. Wanneer Hybris uiteenvalt in Hybris Echo, wordt betekenis verspreid. Het centrum lost op. Wat ooit één monument was, wordt een netwerk van delen.

In een tijd waarin architectuur vaak iconisch moet zijn, kiest Nicolodi voor ingetogen monumentaliteit. Zijn beton weegt, maar schreeuwt niet. Het fragment blijkt betrouwbaarder dan het geheel. Niet omdat het vollediger is, maar omdat het zijn onvolledigheid erkent.

Epiloog: tussen bunker en toren

Wanneer men de ruimte verlaat, blijft er geen afgerond verhaal hangen. Wat blijft is een verschuiving. De toren van Hybris is geen overwinning, maar een verticaal vraagteken. Misschien is dat de ware inzet van Architectura Discordiae: het besef dat bouwen geen daad van absolute zekerheid is, maar een kwetsbaar gebaar. Zoals in Berlijn de zwaarste muren de diepste stilte herbergen, zo toont Nicolodi dat massa en meditatie elkaar niet uitsluiten.


Ontdek meer van Kunstflaneur.be

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Ontdek meer van Kunstflaneur.be

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder