Ik schrijf niet om kunst vast te leggen, maar om haar niet te verliezen. Dat klinkt plechtig, ik weet het, maar het is vooral een vorm van wantrouwen. Tegen snelheid, tegen verklaringsdrang en vooral tegen de hardnekkige overtuiging dat alles wat gezien wordt ook meteen begrepen moet worden.
Kunstflaneur is niet ontstaan uit een plan, noch uit een strategisch gemis dat dringend moest worden opgevuld. Het is gegroeid uit irritatie, twijfel en een zekere vermoeidheid. Vermoeidheid van teksten die pretenderen exact te weten wat kunst is. Van woorden die zwaar klinken, maar licht wegen. Van zinnen die zo zorgvuldig zijn opgebouwd dat er geen enkel risico meer in schuilt.
Ik merkte hoe kunst werd toegedekt met taal. Niet begeleid, maar afgedekt. Alsof elk werk eerst door een theoretische filter moest voor het gezien mocht worden. Alsof kijken zonder begrippen verdacht is en stilte een gebrek is dat dringend moet worden ingevuld. Kunstflaneur is ontstaan uit de behoefte om dat mechanisme te ontregelen, niet om het te vervangen door een nieuw.

Over flaneren en andere verdachtmakingen
Flaneren wordt vaak afgedaan als luxe. Tijd hebben. Rondhangen. Niets moeten. In de praktijk is het eerder een vorm van tegenzin. Tegen de efficiëntie van het kijken. Tegen de idee dat een tentoonstelling iets is wat je “meepikt”. Alsof kunst een halte is in een strak schema, netjes ingepland tussen lunch en de volgende opening.
De flaneur onttrekt zich niet aan de wereld. Hij neemt hem ernstig. Door te weigeren hem te reduceren tot schema’s, statements en samenvattingen. Flaneren is aandacht zonder agenda. En aandacht is een schaars goed geworden.
Ik stelde vast hoe vaak ik een tentoonstelling verliet met meer taal dan beelden in mijn hoofd. Met interpretaties die zich al hadden vastgezet nog voor het werk de kans kreeg om te spreken. Dan wist ik perfect wat ik had moeten zien, maar had ik eigenlijk niets gezien. Het schrijven werd een manier om die eerste blik te beschermen tegen de reflex om meteen te duiden.
En ja, ik stel me die vraag geregeld. Niet als pose, maar uit oprechte twijfel: zit er eigenlijk iemand te wachten op een kunstflaneur? Op iemand die met mij vertraagt terwijl alles versnelt. Die liever blijft staan dan doorloopt. Die geen verklarend kader aanbiedt, maar een aarzelende zin. Die vraag is geen zwaktebod. Ze houdt mijn schrijven scherp en voorkomt dat het een rol wordt. Maar doet me soms ook beseffen dat flaneren eenzaam kan zijn.
Taal, of hoe woorden soms in de weg staan
Ik schrijf niet om gelijk te krijgen. Ook niet om slim te klinken, wat in kunstkringen soms op hetzelfde neerkomt. Mijn schrijven wil niets winnen. Geen debat, postie of intellectueel overwicht. Het wil blijven. Even. Lang genoeg om iets te laten gebeuren. Om één hoofd te laten omdraaien en terug te keren.
Daarom geen sterren, geen rangschikkingen, geen afsluitende oordelen of oneliners. Oordelen zijn efficiënt. Ze geven rust. Je kan door. Maar ze sluiten ook af. Ze geven een valse suggestie dat het werk is afgerond, verwerkt en opgeborgen. Ik verkies zinnen die blijven hangen. Zinnen waarnaar je kan terugkeren om je even te koesteren.
Edward Hopper verwoordde het ooit ongenadig helder: “If you could say it in words, there would be no reason to paint.” Het is een zin die tegelijk eenvoudig en ongemakkelijk is. Niet omdat hij woorden overbodig verklaart, maar omdat hij hun grens aanwijst. Kunst begint precies daar waar taal haar greep verliest. Wie beweert dat elk beeld uiteindelijk volledig te vertalen is naar woorden, interpreteert niet maar reduceert.
En toch lijken sommige teksten geschreven alsof ze schilderijen willen redden van hun zwijgzaamheid. Alsof het werk pas echt bestaat wanneer het eindelijk in volzinnen kan worden uitgelegd.
Die zin van Hopper verklaart mijn wantrouwen tegenover teksten die kunst willen ‘uitleggen’. Alsof een werk pas legitiem wordt wanneer het netjes verwoord is. Alsof schilderijen, beelden of installaties voorlopige versies zijn van een gedachte die eigenlijk beter in taal had bestaan. Dat is geen ernst, maar een vorm van intellectuele gemakzucht. Woorden worden dan geen hulpmiddel om te kijken, maar een manier om het kijken te vermijden.
De taal van Kunstflaneur is geen stilistische keuze, maar een gevolg van tempo. Lange zinnen ontstaan niet uit literaire ijdelheid, maar uit wandelen. Ze volgen het ritme van kijken, niet dat van academisch afbakenen. Ik wantrouw taal die zich als een scherm tussen het werk en de lezer plaatst. Begrippen die indruk maken, maar niets aanraken. Abstracties die gewicht suggereren, maar leeg blijven zodra je ze aanraakt.
We kennen ze allemaal: woorden die voortdurend circuleren precies omdat niemand ze nog echt hoeft te verklaren. Ze klinken ernstig, dus ze worden herhaald. Ze vullen ruimte, dus ze lijken nodig. Maar vaak maskeren ze vooral een gebrek aan aandacht. Of een intellectuele oneerlijkheid die zich verschuilt achter complexiteit. Zwaarte is geen bewijs van diepgang. Soms is ze louter een alibi.

Nabijheid, twijfel en de keuze om niet mee te praten
Mijn teksten beginnen zelden in de tentoonstellingsruimte zelf. Ze beginnen onderweg. Dankzij de vele files onderweg kiemen ze meestal in de auto. Dat is geen literaire truc, maar een erkenning. Kunst bestaat niet los van de wereld waarin we ons bewegen. Ik arriveer nooit neutraal. Ik arriveer met een lichaam, een moment, een stemming. Door dat niet te verbergen, wordt mijn kijken hopelijk eerlijker. Niet subjectief als excuus, maar ingegeven door het moment.
Ik schrijf vaak dichtbij kunstenaars. In ateliers, in gesprekken, soms in stilte. Maar nabijheid is geen toe-eigening. Kunstflaneur spreekt niet vóór het werk, maar ernaast. Niet elk werk vraagt om uitleg. Sommige vragen gewoon om aanwezigheid. Een tekst kan dan functioneren als een hand op de rug, niet als een vinger die wijst. Dat onderscheid wordt opvallend vaak genegeerd.
Twijfel speelt daarbij een centrale rol. Niet als zwakte, maar als vorm van scherpte. Ik vertrouw teksten niet die te zeker zijn. Ze doen alsof de wereld afgerond is. Alsof kunst een probleem is dat opgelost moet worden. Ze verruilen aandacht voor beheersing. Ik schrijf liever vanuit de vraag die blijft knagen dan vanuit het antwoord dat netjes past binnen een kader. Ik hou van zinnen die met een vraagteken eindigen. U ook?
Over afwezigheid, stilte en blijven
De kunstwereld is strak geprogrammeerd. Openingen, beurzen, lezingen, deadlines. De agenda bepaalt niet alleen wat gezien wordt, maar ook hoe erover gesproken mag worden. Zichtbaarheid wordt relevantie. Frequentie wordt ernst. Kunstflaneur onttrekt zich zo veel mogelijk aan die logica. Niet door luid protest, maar door selectieve afwezigheid. Door soms niets te schrijven. Ik heb er al aan gedacht om een blog te schrijven over alle expo’s die ik nooit bezocht heb. Maagdelijk witte blogposten die elke zoekmachine met de nodige vraagtekens zal opzadelen.
Die afwezigheid voelt verdacht in een cultuur die permanente commentaar verwart met betrokkenheid. Toch is het noodzakelijk om helder te blijven. Er wordt vandaag te veel gemaakt om alles te kunnen dragen. Overvloed creëert geen vanzelfsprekende rijkdom; vaak ontstaat vooral ruis. Kunstflaneur zoekt niet naar volledigheid, maar naar selectieve ontmoetingen. Naar dat ene werk dat blijft hangen terwijl andere verdwijnen. Dat is geen hiërarchie, maar een bewuste keuze.

Er zit ook humor in Kunstflaneur. Soms droog, soms mild ironisch. Niet om kunst te relativeren, maar om haar te bevrijden van opgeblazen ernst. Ernst zonder lichtheid wordt doctrinair. Lichtheid zonder ernst wordt leeg. Ironie is hier geen wapen, maar een vorm van hygiëne. Ze voorkomt dat woorden zichzelf te belangrijk gaan vinden.
Ik schrijf niet voor een doelgroep. Ik schrijf met een lezer in gedachten die mee wandelt. Iemand die geen samenvattingen zoekt, maar frictie. Geen meningen consumeert, maar vragen verdraagt. De ideale lezer is geen afnemer van standpunten, maar een mede-flaneur. Iemand die blijft staan waar anderen doorlopen.
En zolang er ook maar één blik is die niet tevreden is met holle woorden, is dat misschien al genoeg reden om te blijven schrijven.
Ontdek meer van Kunstflaneur.be
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
