In de jaren van 1965 tot 1970 bevond de gerenommeerde Japanse kunstenaar Yayoi Kusama zich in Nederland, waar ze haar stempel drukte op de bruisende kunstwereld. Deze periode, die in het Stedelijk Museum Schiedam wordt belicht in een tentoonstelling van 23 september 2023 tot en met 25 februari 2024, wordt beschouwd als cruciaal voor Kusama’s artistieke ontwikkeling. Tegenwoordig wordt ze wereldwijd erkend als een superster en een feministisch icoon. Haar ervaringen in Nederland, te midden van de provo-beweging, happenings en jeugdcultuur, gaven haar de ruimte om persoonlijke en artistieke vrijheid te verkennen, buiten de gevestigde grenzen van de kunst.
De tentoonstelling opent met een terugblik op de eerste Nederlandse expositie waaraan Kusama deelnam. In 1965 presenteerde ze bij de Haagse galerie Orez een opvallende reeks objecten, waaronder schoenen, tassen, kledingstukken en panelen, die bedekt waren met ontelbare goud- of zilverkleurige fallusvormen. Deze groepstentoonstelling, getiteld “Facetten van de hedendaagse erotiek”, markeerde het begin van Kusama’s invloedrijke Nederlandse jaren en vormt het vertrekpunt van de tentoonstelling in Schiedam. Juist in deze tijd begonnen de discussies over seksuele bevrijding in Nederland op gang te komen.


Hoewel Kusama gevoelig was voor de maatschappelijke ontwikkelingen, vloeiden haar inspiratiebronnen voort uit een veel persoonlijkere bron. Haar obsessies met eten, bloemen, fallussen en seks waren onlosmakelijk verbonden met (seksueel) trauma uit haar verleden. Haar oeuvre staat in het teken van het concept van ‘zelfvernietiging’, waarbij ze het idee van verdwijnen in een soort oneindigheid onderzoekt. Dit komt tot uiting in haar beroemde “Infinity Nets”, grote doeken vol stippen, maar ook in objecten bedekt met stoffen fallusvormen, macaroni en bloemen, waarvan er diverse voorbeelden te zien zullen zijn in de tentoonstelling.
Als Japanse vrouw met een klein postuur en beperkte kennis van Engels en Nederlands was Kusama een opvallende verschijning. Bovendien worstelde ze met angsten en waanideeën. Hoewel ze waardering en lof ontving, werd ze vaak ook behandeld als een curiositeit. Om hiermee om te gaan, besloot Kusama haar eigen koers te varen. Ze weigerde zich langer aan te passen aan de verwachtingen van anderen en stond juist op voor wie ze werkelijk was. Zo droeg ze bijvoorbeeld kimono’s tijdens happenings en fotosessies, waarmee ze haar culturele identiteit uitdroeg. Ze draaide de rollen om door mannen te vragen zich uit te kleden, maar nam ook zelf de regie in handen bij het bepalen van de manier waarop ze werd gefotografeerd. Met zelfverzekerdheid poseerde Kusama als de ‘polka dot priestess’ voor Nederlandse fotografen. Ze gebruikte haar zelfbeeld als een krachtig instrument.
Kusama benutte haar vrijheid om nieuwe media en platforms te verkennen in haar kunst. Ze omarmde bijvoorbeeld de opkomende kunstvorm van happenings en zocht nieuwe presentatiemogelijkheden in de straten en clubscene. Daarnaast begaf ze zich vanaf 1968 op het terrein van mode. Ze ontwierp kleurrijke en bevrijdende kleding, soms provocerend, waarbij ze de grenzen opzocht. Ze presenteerde haar creaties in onaangekondigde modeshows op iconische locaties zoals de Dam in Amsterdam en de straten van Den Haag. Samen met Willy Verstappen, de vrouw van fotograaf Harrie Verstappen, vervaardigde Kusama deze kleding in een leegstaand bankgebouw in Scheveningen.


Kusama werd in de door mannen gedomineerde kunstwereld vaak geconfronteerd met weerstand en ongelijkheid. Terwijl haar mannelijke collega-kunstenaars in New York hun weg vonden naar gevestigde galerieën, stond zij als jonge Aziatische vrouw op afstand. Ze raakte vaak verstrikt in discussies met galeries over de zakelijke aspecten van haar werk. Als reactie hierop presenteerde ze in 1966 “Narcissus Garden” op de Biënnale van Venetië. Dit werk was op meerdere vlakken bijzonder: voor het eerst presenteerde ze haar werk onafhankelijk van een galerie of kunstinstelling, en het kan worden beschouwd als haar eerste openbare happening. “Narcissus Garden” bestond uit een veld vol spiegelende bollen, die ze voor twee dollar aan het publiek te koop aanbood. De organisatie van de Biënnale verbood haar echter om de werken voor zo’n laag bedrag te verkopen, ‘de prijs van een ijsje’.
De tentoonstelling in Schiedam toont meer dan 30 kunstwerken van Yayoi Kusama, allemaal gemaakt in Nederland tussen 1965 en 1970. Meer dan de helft van deze werken is nog nooit eerder aan het publiek getoond. Daarnaast worden er vele foto’s getoond die in Nederland van Kusama zijn gemaakt. “Yayoi Kusama: De Nederlandse jaren 1965-1970” werpt een fascinerende blik op hoe Kusama zich vanaf 1965 heeft verbonden met de Nederlandse kunstwereld. Ze vond aansluiting bij kunstenaars van de Nul-groep, maakte vrienden en ontving steun van verzamelaars en galeries. Tegelijkertijd stuitte ze regelmatig op barrières en tegenstand als Aziatische vrouw in een door mannen gedomineerde kunstwereld.
Deze tentoonstelling, samengesteld in samenwerking met het 0-INSTITUTE, dat zich al geruime tijd toelegt op onderzoek naar Kusama’s Nederlandse jaren, belooft een boeiende intellectuele reis te worden. Het geeft een diepgaand inzicht in de impact van Kusama’s verblijf in Nederland en haar bijdrage aan de kunstwereld van die tijd.
Catalogus
Bij de tentoonstelling Yayoi Kusama. De Nederlandse jaren 1965-1970 verschijnt een gelijknamige catalogus. (ISBN: 9789462088054, 208 pagina’s, paperback, 29,95 euro)
De tentoonstelling Yayoi Kusama. De Nederlandse jaren 1965-1970 opent op 23 september de deuren en loopt tot en met 25 februari 2024.
Ontdek meer van Kunstflaneur.be
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
