Elk jaar in september overhandigt Stijn Coppejans de sleutel van zijn galerie. Niet symbolisch, maar echt. Een externe gastcurator krijgt de galerie, de kunstenaars, de hele werking, en mag ermee doen wat hij of zij wil. De meeste galeries bewaken hun programma als een hond zijn baasje. Coppejans doet het tegenovergestelde, elk jaar opnieuw, en noemt dat artistieke gastvrijheid.

Dit jaar krijgt Antoinette De Stigter de sleutel. Zij bouwde jarenlang Art Affairs uit in Amsterdam. Met een programma rond conceptuele en minimalistische kunst, en een voorkeur voor experiment en onderzoek. Ze koos geen kunstenaars om ze in een hokje te zetten, ze koos kunstenaars die het hokje juist ontvluchtten. Dat is een curatoriële reflex die je niet aanleert in een weekendcursus. Dat groeit over jaren, over honderden ateliers, over kunstenaars die afhaakten en kunstenaars die bleven.

Twee galeries, één blik

En daar zit de eerste laag van deze tentoonstelling die verder gaat dan de werken zelf. In Be My Guest IV ontmoeten twee galeriepraktijken elkaar. Coppejans met zijn eigen geschiedenis, zijn eigen kunstenaars. Art Affairs met jarenlange ervaring in de avant-garde, in het risico nemen met kunstenaars voor ze salonfähig waren. Dat is geen kwestie van werken ophangen. Dat is mentorschap, kijken, kiezen, kunstenaars begeleiden, en een inhoudelijke koers volhouden terwijl de markt intussen iets anders vraagt.

Vóór De Stigter kwamen Antoon Melissen, Manuela Klerckx, Atelier FAAR. Een kleine genealogie van gastblikken, elk jaar een andere lens op dezelfde galerie. Bijna een familietraditie, het jaarlijkse zelfonderzoek via een vreemde. Weinig galeries durven dat.

De editie zelf draagt een eigen titel, It's in my nature, geen decoratieve toevoeging aan het format. Ze focust op wat eigen is aan de mens: ordenen, bouwen, verzamelen, betekenis geven vanuit onze eigen aard. En over wat zich daar telkens weer aan onttrekt: de natuur die groeit, verandert, haar eigen logica volgt en zich nooit volledig laat vatten hoe hard we ook structureren. Dat is de beschrijving van wat een galerie zelf doet wanneer ze de sleutel weggeeft. Ze ordent haar eigen programma een expo lang niet.

Ik heb me voor deze impressie beperkt tot vier werken. Ik koos voor een (zwart) vierkant als 'rode' draad. Een andere bezoeker had evengoed vier heel andere kunnen kiezen, en had dan een heel andere tentoonstelling geschreven. Dat is precies het punt. Niemand controleert hier wat blijft hangen.

Jan van Munster, Homage to Malevitsj, 2012, Coppejans Gallery

Het vierkant met een polsslag

In de expo trekt een klein, houten kistje aan de muur meteen mijn aandacht. Daarin een zwart vierkant, dicht, ondoorzichtig, als een gat dat weigert licht door te laten. Ernaast de contouren van een tweede vierkant, alleen de omtrek, leeg gebleven, zodat het hout zelf zichtbaar blijft waar de verf had moeten komen. Malevitsj maakte in 1915 komaf met alle afbeelding en liet alleen dat vierkant over. Discipline, reductie, het einde van het verhaal. Jan van Munster neemt dat vierkant over als eerbetoon, verdubbelt het, laat de ene helft van de belofte onvervuld, en jaagt er dan een kronkelende neonbuis doorheen alsof Dan Flavin is binnengewandeld om Malevitsj de loef af te steken. Waar de Rus het licht wegdacht uit de compositie, brengt Van Munster het gewoon terug, als een elektrische knipoog op honderd jaar schilderkunst. Het suprematisme krijgt een polsslag die het nooit gevraagd heeft. Malevitsj bouwde de kooi. Van Munster zet er iets levends in, en licht dat niet eens zijn eigen vierkant respecteert.

De boom van vierkanten

Verderop, aan de andere wand, hangt een werk van François Morellet, Geometree, 1983. Vier vierkanten, elk een andere grootte, aan elkaar geregen via de hoeken tot een soort stamboom. De titel doet zijn werk: geometrie en boom in één woord gevouwen, alsof de wiskunde stiekem altijd al plantkunde was. Een vierkant is bij Morellet een tak die nog niet wist dat hij een tak was, en vier vierkanten aan elkaar geregen worden dan geen figuur meer maar een stamboom, iets dat groeit in plaats van iets dat berekend wordt. Waar Malevitsj het vierkant absoluut maakte en Van Munster het een polsslag gaf, laat Morellet het vertakken, vermenigvuldigen, een familie vormen die niet symmetrisch hoeft te zijn om te kloppen.

De rug zonder gezicht

Verderop hangt een werk van John Coplans, en het eerste wat opvalt is wat er niet is. Geen hoofd, geen gezicht, geen blik die iets terugvraagt of iets uitlegt. Coplans weigert het contract dat een portret normaal aangaat met de kijker. Wat overblijft is een rug, gebogen als een vraagteken zonder punt, twee benen die iets moeten dragen zonder dat we ooit te zien krijgen wie er draagt, anoniem, en precies daardoor universeler dan elk gezicht ooit kon zijn.

Hier is de lijst zelf zwart en vierkant, streng, bijna te streng voor wat erin zit. Het lichaam zelf ordent niets, heeft geen cv, geen pose die iets moet bewijzen, alleen huid en zwaartekracht die hun werk doen zoals ze dat al jaren doen. Als er ergens een kunstwerk exact toont wat "eigen aard" betekent zonder enige tussenkomst van de mens, is het deze rug. 

Pieke Bergmans, Crystal Virus, 2010, Coppejans Gallery

De stoel die het bouwplan verscheurt

Voor mijn laatste keuze bedien ik me van een artistieke vrijheid om een vierkant te ontdekken: Crystal Virus, de houten kruk van Pieke Bergmans. Kristal dat over het hout kruipt als een orgaan dat de plattegrond nooit gelezen heeft. Zij noemt het een kristallen virus, en dat is precies wat het is, iets dat zich ergens nestelt zonder om toestemming te vragen en daarna gewoon blijft. Een vierkant zoek ik hier tevergeefs, en dat is precies de clou. Na Van Munster, Coplans en Morellet had ik er stiekem eentje verwacht, ergens in het hout, in de vorm van de basis, in een facet van het kristal. Er is er geen. Het virus heeft zelfs de geometrie geen respijt gegund. Waar de andere werken het vierkant nog een rol lieten spelen, al was het maar als tegenstander, weigert deze stoel elke vorm van discipline, ook de discipline om zich ertegen af te zetten.

Vergelijk dat met wat De Stigter deed bij Art Affairs, kunstenaars binnenhalen die zich niet lieten classificeren, die weigerden zich netjes te gedragen binnen het format van een galerieprogramma. De stoel van Bergmans is bijna een zelfportret van die curatoriële houding, iets moois dat zich niet aan het meubelplan houdt.

Slot

Vier objecten, één les. De mens ordent. De natuur corrigeert, meestal zonder overleg, en soms geeft de mens zelf de sleutel af en nodigt de correctie uit. Dat is de stille kracht van deze tentoonstelling. Coppejans doet vrijwillig wat de rest van ons alleen gedwongen doet.

De ader in het neon blijft kloppen. De vierkanten van Morellet blijven vertakken. En ergens in Antwerpen is er nu al iemand aan het nadenken over wie volgend jaar de sleutel krijgt na De Stigter, en wat die persoon zal laten groeien in een galerie die zichzelf blijkbaar het liefst laat verrassen. Wie krijgt hem?

Be My Guest IV  is tot en met 11 oktober te zien bij Coppejans Gallery in Antwerpen


Ontdek meer van Kunstflaneur.be

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Ontdek meer van Kunstflaneur.be

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder